CKV wat moet je ermee?!

Cultureel kunstzinnige vorming is verplicht voor alle leerlingen in het voortgezet onderwijs. Kunst en cultuur hoort bij het leven. Door kunst en cultuur leer je de samenleving en de wereld te ontdekken. Kennis van onze eigen kunst- en cultuur(historie) en die van anderen levert een belangrijke bijdrage aan je persoonlijke ontwikkeling en zorgt voor een maatschappelijke toerusting. Kunst gaat over verbeelding, inzicht, denkkracht, motoriek en overdracht van ideeën – kwaliteiten die op alle terreinen in het leven waardevol zijn (Akademie van Kunsten, 2019).


In de lessen maak je kennis met verschillende kunstvormen. Je doet dat vooral door kunst te bekijken en te beleven en er met elkaar over te praten. Kunst en cultuur kun je onderverdelen in verschillende disciplines. Wij leggen in onze lessen de nadruk op de volgende;

  • Theater

  • Beeldende kunst en architectuur

  • Film

  • Muziek

  • Dans

Aan de hand van verschillende thema’s verdiepen we ons in bovenstaande kunstdisciplines. De lessen zijn onderverdeeld in  thema’s ; helden, film, muziek en de stad, liefde en niet normaal.

Het vak CKV bestaat uit 4 domeinen;

  • Verkennen; Je verkent en deelt je eigen interesses en ervaringen en die van je klasgenoten. Je activeert hierbij je voorkennis.

  • Verbreden; Je geniet meer van een voorstelling of expositie als je wat theoretische achtergrond informatie hebt. Je moet dus enigszins op de hoogte zijn van wat de verschillende disciplines te bieden hebben. Je leert kennen en herkennen.

  • Verdiepen; Voor de praktische opdrachten moet je zelf een (facet) van het thema onderzoeken. Van de culturele activiteiten maak je een verslag zodat je gedwongen wordt om je ervaringen onder woorden te brengen. Je maakt het je eigen door te doen.

  • Verbinden; De praktische opdrachten zijn niet alleen maar gericht op kennis, maar vooral ook op het vormen en onderbouwen van je eigen mening. Het beste leer je van elkaar en met elkaar. Je hoeft niet alles wat je tegenkomt mooi of leuk te vinden, maar het is wel belangrijk dat je kunt omschrijven (of verbeelden) waarom je iets leuk, mooi, lelijk of inspirerend vindt. Je leert te reflecteren op jezelf en op de ander.